Home
Podium
Politiek
Religie
Hindoeisme
Islam
Suriname
India
Liefde
Jongeren
Literair
Poezie
Zeepkist
Gastenboek
Links
Disclaimer
Contact
Kritisch Podium DewanandLiterair
WEBpublication BOOK wart0165 / EPAGE 1 of 50
hoofdstuk 2
Koop de gedrukte versie van roman: Einde van de integratie - klik hier
Offeraar Dewanand
Offercode wart0165
Offerdatum 16 juni 2006
Go to Inhoudsopgave: (roman) 'Einde van de integratie'
Met een verdoofd gevoel stapt een tenger Hindoestaans meisje de bus uit.
Ze schrikt van de kou en de harde rukwind waait haar bijna omver. Snel
loopt zij door de motregen naar de bushalte, waar iedereen staat om zich
te beschermen tegen het woeste Nederlandse klimaat. De kou snijdt in haar
buik en dijen. Toch blijft zij doodstil staan en wacht af wat er nu zal
gebeuren. De minuten verstrijken traag een voor een en vullen uiteindelijk
een vol uur. Het tengere kind staat zowat te rillen van de kou en vraagt
zich af waarom iedereen haar nu verlaten heeft. Nerveus en angstig kijkt
zij toe hoe de anderen een voor een vertrekken met lachende gezichten,
alsof zij in het paradijs belandt zijn en naar de hemel gaan.
Ze let niet op de tijd en merkt dat het al bijna avond wordt. Nu staat
zij helemaal alleen bij de bushalte en weet niet goed wat zij moet doen.
Alleen in een ver vreemd land en niemand die haar lachend verwelkomt.
Dit heeft zij vroeger nooit gedroomd over de eerste dag. Met een verbleekt
gezicht staart zij stil voor zich uit en voelt hoe het verleden haar verlaat.
Droevige herinneringen uit haar jeugdjaren spoken door het hoofd van dit
wachtende meisje, die zich nu verlaten voelt door alles en iedereen. Nu
moet zij alleen een onbekende toekomst tegemoet gaan, zonder een cent
op zak en zonder een verleden. Ze begrijpt nog maar weinig van het leven
en voelt aan dat de toekomst heel onzeker zal zijn in dit koude land.
Ze is diep in gedachten verzonken en staart wezenloos naar de leegte
van de grond. Daardoor hoort zij het getoeter niet van een auto die voor
haar neus is gestopt. De vrouw in de auto opent snel het raam en schreeuwt:
'Saina, Saina, stap snel in.' Het verkleumde meisje kijkt verschrikt op
en ziet een kleine, rode auto voor haar neus. Dan ziet zij de gestalte
van de roepende vrouw achter het stuur en weet even niet wat zij moet
doen.
'Saina, kom doe snel, stap in,' zegt de vrouw op luide toon en opent
de zijdeur. Het meisje begint te lopen en besluit om in te stappen. Daarna
rijdt de auto weg en het lot van het arme kind is bezegeld.
Terwijl ze rijdt en stuurt zegt de vrouw: 'Sorry dat ik een beetje laat
ben, maar ik moest nog naar fitness lessen.' Het meisje naast haar reageert
op zwijgende toon en zit naar haar nagels te kijken met gebogen hoofd.
'Je bent wel erg stil zeg, heb je het koud? Ik zet de verwarming hoger.'
De vrouw draait aan een knopje op het knoppenpaneel in het midden en vervolgt
haar monoloog. 'Wacht eens, je hebt mij nog nooit gezien hè. Ik
ben je tante Bea. Hee meisje, jij bent toch Saina?,' en ze lacht een beetje
erbij. De warmte brengt nieuw leven in het lichaam van het tengere kind,
dat antwoordt: 'ja tante, ik ben Saina. Is het altijd zo koud in Nederland?
Waar is de zon?' Bea lacht even heel luid om deze twee vragen. 'Ja Saina,
in Nederland schijnt de zon nooit. Het is al bijna winter. Ik heb wel
een winterjas voor je hoor, anders ga je ziek worden in dit land. Wie
heeft die jurk voor je gemaakt?' Saina antwoordt: 'Een buurvrouw uit onze
buurt heeft het genaaid. De broek heb ik in de stad gekocht.' 'Die groene
kleur staat je goed. O, wij zijn al thuis. Ik ga parkeren. Ik woon vlakbij
Scheveningen.'
Na het parkeren in de stille straat, stappen ze uit. Bea kijkt naar de
kleine handtas van haar jonge nichtje en vraagt: 'Waar is je koffer Saina?'
Die zegt op bedrukte toon. 'Mijn moeder had geen geld voor een koffer.
Ik heb alleen deze handtas met een paar kleren.' Haar tante zegt dan lachend:
'O ja, jullie zijn niet rijk he. Ik koop morgen wel wat spullen voor je.
Je kan mijn oude kleren dragen, want je hebt toch mijn maat. Erg dik ben
je niet.' Ze sluit de wagen af en loopt naar de voordeur van een mooie
vrijstaande woning.
Met een schuchter gevoel betreedt Saina de woning van haar tante. Ze
schrikt even als een dikke, witte kat haar aanstaart met grote groene
ogen en dan naar haar toe rent en zich wrijft tegen haar benen. 'Kijk
niet zo bang. Dat is mijn poesje, Tommy. Hij bijt niet hoor.' Bea lacht.
'Saina, je lijkt echt precies op je moeder. Je hebt hetzelfde gezicht
en dezelfde ogen als je moeder. Hoe gaat het met haar?'
'Mama maakt het goed. Ze heeft een brief voor je geschreven.' Ze zet
haar tas op een tafel en pakt er een briefje uit, die ze aan haar tante
geeft. Bea maakt de blauwe enveloppe snel open en leest de korte brief;
'Dag Bea,
Let goed op Saina. Laat ze geen gekke dingen doen en wees streng voor
haar. Ze moet die studie snel afmaken.
Kom volgend jaar naar Suriname bij mij op bezoek met Saina.
Daag, namaste didi,
Aarti uit Nickerie.'
Bea lacht luid. 'Je moeder is echt Nickeriaans. Meisje je bent hier zo
vrij als een vogeltje. Ik ga geen oppas spelen. Ik ben niet je moeder
hoor Saina.' Saina zegt niets en kijkt een beetje wezenloos naar haar
tante. 'Kom mee, ik breng je naar je slaapkamer.' Saina volgt haar tante
met haar tas in haar hand. De kat rent weg en gaat op een grote wollen
bank zitten in een hoek van de grote woonkamer.
'Nou, dit is je kamertje. Wacht even, ik pak wat kleren voor je.' Bea
loopt de kamer snel uit. Saina blijft alleen in de kamer en durft niets
aan te raken. Het is koud in deze kamer. Het bed is erg groot en er passen
zelfs twee personen in. In een hoek staat een kleine klerenkast met een
kleine spiegel op de deur. De gordijnen hebben een oranjeachtige kleur.
Het lijkt alsof er papier geplakt is op de muren. Zoiets heeft zij nog
nooit gezien. Er zijn heel veel bloemetjes getekend op het papier van
de muren en daarom kan het niet geverfd zijn. 'Waarom plakken ze papier
op de muren in Nederland,' mompelt ze vol verbazing. Alles hier is zo
anders dan in Nickerie. Zo koud en geen zon. De bomen hebben niet eens
bladeren. Zo raar hier.
Haar tante stapt de kamer binnen met een grote plastic doos. 'Saina,
hierin zitten een heleboel oude kleren van mij. Kijk of ze je passen.
Trek eentje aan en kom dan naar de keuken, want wij gaan eten koken.'
Ze zet de doos op het bed en loopt snel weg. Saina zegt niets terug. Ze
staart even wezenloos voor zich uit en begint dan de doos open te maken.
Er zitten heel veel mooie jurken en dikke blouses in. Ze pakt een gele
blouse en kleedt zich snel om. Een witte lange broek past haar ook heel
goed. Het ondergoed in de doos is heel mooi en zacht. Dit zijn hele dure
kleren, denkt ze. Haar tante is niet arm. De nieuwe kleren geven haar
een warm gevoel. En ze zijn ook nog heel mooi.
Bea opent de deur en zegt: 'Saina, kom ik wijs je de rest van het huis.
Kom mee. O, die kleren staan je goed. Zet de rest in de kast morgen.'
Er klinkt luid gepiep van een telefoon door het huis. 'O kom, ik ga even
de telefoon pakken.' Haastig loopt ze weg en Saina loopt haar achterna.
Dan ziet Saina een deur met een sticker van een toilet erop en beseft
dat dit het toilet moet zijn. Ze opent deze deur en glipt naar binnen.
Het toilet ruikt naar vers geschilde sinaasappel. Het is heel schoon
en helemaal volgeplakt met kleine tegeltjes. Het water in het toilet heeft
een blauwe kleur, wat ze nooit eerder heeft gezien. Dan schrikt ze even,
want er is een grote foto van een naakte, witte man op de deur geplakt.
Is dat de man van haar tante, vraagt zij zichzelf af, terwijl zij haastig
plast. Vrouwen in Nederland maken naaktfoto's van hun mannen, want ze
zijn vrij en modern. Zo ben ik niet, denkt ze, terwijl zij met wat papier
haar smalle onderlichaam afveegt. Ik ben niet modern. Ze staart gedachteloos
naar het grote, witte geslachtsorgaan op de poster en staat dan op om
haar handen te wassen en het toilet door te spoelen.
'Zo, daar ben je. Kom we gaan eten,' zegt haar tante terwijl Saina met
een stil gezicht de keuken binnen loopt en gaat zitten aan de eettafel.
Saina kijkt naar het gerecht op de ronde, houten plank in het midden van
de tafel en vraagt verbaast: 'is dat Nederlandse roti?' Haar tante lacht
heel luid. 'Je komt echt uit Nickerie Saina. Dit is pizza. In Nederland
eet niemand roti met kaas. Je bent echt grappig hoor.' Saina lacht een
beetje en kijkt met grote ogen hoe haar tante de ronde, platte taart met
een vreemd scherp schijfmes in stukken snijdt. Het apparaat lijkt op een
rond rollend mes. 'Kijk niet zo gek Saina. Deze pizza heb ik bij de winkel
op de hoek gekocht. Hier neem een stuk.' Ze zet een stukje op een bord
met een platte lepel en geeft het aan haar hongerig nichtje.' Doe er wat
oude kaas op. Hier is een zakje.' Saina kijkt hoe haar tante de kaas op
de koek strooit en deze daarna met een vork en mes in kleinere stukken
snijdt en deze een voor een keurig netjes opeet. Dan pakt ze het stukje
pizza met beide handen en eet het als brood op. Het is bijna smaakloos
en er zit geen zout in. Doordat zij honger heeft, besluit zij alles op
te eten, zonder kritiek te leveren of te klagen.
Na het pizza hapje schenkt Bea een groot glas cola in voor Saina, want
dat lust ze. 'Ik neem zelf wat koffie,' zegt Bea en pakt een grote thermoskan
waarin nog wat koffie zit van de namiddag. Ze pakt een hele grote kop
en schenkt het halfvol. 'Kom we gaan televisie kijken in de woonkamer.'
Saina kijkt zwijgend naar de vuile borden op tafel en haar tante begrijpt
haar gedachten. 'Dat wassen wij morgen wel af.' Dan zegt Saina: 'Ik zal
alles afwassen tante, anders komen er vliegen op.' Bea lacht weer, 'de
afwasmachine maakt alles schoon morgen.' Ze wijst naar een paar knoppen
onder de wasbak. Saina schrikt er bijna van. In Nederland doen machines
al het werk van vrouwen. Maar dan hebben vrouwen niets te doen. Hoe leven
ze dan met mannen? Saina's gedachten dwalen even af.
De woonkamer is lekker warm. De televisie is heel groot en het beeld
is heel scherp. Ze zit stil op de warme bank. Haar tante ligt languit
op de andere bank en drukt op kleine knopjes van de afstandsbediening.
'Saina, vertel eens wat. Hoe was de reis in het vliegtuig? Saina kijkt
naar haar tante met een vragende blik. De haren van tante Bea zijn kort
geknipt en roodbruin geverfd. De lippenstift ziet er nog nieuw uit. En
haar oorbellen zijn een beetje te groot voor haar hoofd. 'Je bent wel
een stil meisje, he Saina,' zegt haar tante. Saina antwoordt: 'Vanuit
Nickerie reed ik eerst met een bus naar Zanderij. En toen vloog ik met
een heel groot, wit vliegtuig naar Nederland. Een bus bracht mij toen
naar hier. Ik was wel een beetje bang dat het vliegtuig uit de lucht zou
vallen en ik dood zou gaan. Maar het is goed gegaan tot nu toe.'
Haar tante zegt niets en zwijgt enkele minuten. Dan zegt ze: 'Je moet
nog veel leren meisje, Maar goed, het is al laat. Ik ga nu slapen. Jij
mag televisie kijken als je wilt.' Maar Saina voelt daar niets voor. 'Ik
ben moe, ik ga ook slapen.'
Bea zet de televisie uit en maakt de verwarming in het hele huis uit.
Saina gaat naar haar kamer en kruipt gelijk onder de warme dekens van
het grote bed. Ze valt onmiddellijk in een diepe slaap en droomt de hele
nacht over een zwerm witte vogels in de lucht, die een voor een dood naar
beneden vallen. In deze droom ziet zij een heleboel dodelijke wormen,
die de nekken van de vogels eraf bijten.
***
Go to Inhoudsopgave: (roman) 'Einde van de integratie'
Koop de gedrukte versie van roman: Einde van de integratie - klik hier
WEBpublication BOOK wart0165 / EPAGE 5 of 50
Home
Podium
Politiek
Religie
Hindoeisme
Islam
Suriname
India
Liefde
Jongeren
Literair
Poezie
Zeepkist
Gastenboek
Links
Disclaimer
Contact
Kritisch Podium DewanandLiterair
Alle rechten voorbehouden; All rights reserved
offercode: wart0165
Copyright @ Dewanand 2006
|